06.04.2010

Al in '46 welbehaaglijk neergevlijd

het is te stil om veel en snel te praten

Liggend in de zon

De liefste sluimert naast mij in het kruid.
Onder mijn arm door lig ik naar haar te staren.
Soms slaat de wind haar zachte lange haren
strelend over mijn rug, mijn naakte huid.

Ik luister naar het ijl ruisend geluid
- mijn adem gaat in ritme met de hare –
naar het verre doffe bruisen van de baren
en naar de wulp, die schor, weemoedig fluit.

Er ligt een wijding over het ongerepte land.
het is te stil om veel en snel te praten,
enkel een zoen, heel vluchtig op haar hand.

De zilte schorren en het wijde zand
zijn aan ons twee alleen overgelaten.
Er is geen einder en geen overkant.

Hans Warren

Uit
Verzamelde Gedichten
Bert Bakker
Amsterdam, 2002.

21:45 | Commentaren (0) | Tags: tederheid

Een beven van verwachting.

Lente-morgen
lente-morgen

Zij hield den spiegel en bewoog toen even

het hoofd in zacht gewiegel, want gedachten

die haar lippen tot een glimlach samenbrachten

waren uitgevlogen… En een beven

van verwachting had haar hart zoo zeer bevangen

dat zij nauwelijks scheen te leven anders

dan een licht-bewogen, vroeg-ontloken

voorjaarsbloem.

H. van Elro [Roel Houwink]

09:45 | Commentaren (0) | Tags: tederheid

12.09.2009

Het moet wel dat ik van je hou

egon schiele - reclining woman with green stockings - 1917

Wij samen
(psalm 139)

Onder en boven, je bent om me heen, ik in je, je
weet van mij alles. Dat je me omringt, vooruit, me
doordringt, alles weet uit hoofde van jij, nou ja, maar
dat je daar ook nog op uit bent! Geen
plaats van je is er die, wil hij, niet ziet mij, die
niet in zich heeft mij. Ver weg of dichtbij, in
de kraag pak je me; geen kant kan ik op, in
Den Haag niet en nergens - licht is er niets bij.
Niet raak ik me ergens in kwijt en niet
in de tijd; wat ik ook maar van plan ben, waar
en wanneer, je wist allang dat ik toen dat en dat - dat
ik knap in elkaar, heb je wel voor gezorgd.

Gebonden zijn, gekend, in iemand - erg is het, maar
niet is nog erger misschien. En hoe dan ook, altijd, ik
denk aan je, op de gekste momenten en nooit
niet eens niet. Het moet wel dat ik van je hou, de
pest heb aan wie dat aan jou. Ken me dan maar, weet
wie ik ben en doe maar.


Anton Korteweg

Uit
Met flinke pas
Meulenhoff
Amsterdam, 2003

09:45 | Commentaren (0) | Tags: tederheid

24.05.2008

De ballade van als dan

De ballade van als dan









De ballade van als dan

Ik dacht dat wat je zei
- jij hoort bij mij
was mooi geweest –
en buig me naar je toe,
maar hoe ik me ook
hou, in jouw geval
noem ik het horten
van je adem de ballade
van als dan: ik ken er
onderhand de stilte
van – het is haast
dodelijk hoe jij naar
woorden zoekt als je
wil zeggen: dichterbij

Bart Moeyaert

Uit
Nacht van de Poëzie
Vredenburg Utrecht
Utrecht, 2007

20:45 | Commentaren (1) | Tags: tederheid

23.02.2008

Variation is of the essence

heimelike pijn
 

Meisje


Wanneer zal dan die heimelike pijn,
die niemand weet of weten zal, ten einde zijn?
Wanneer zal ik me moeten verbergen, zeer timied,
en schuchter doen, omdat een man mijn naaktheid ziet?
En wanneer zullen beter sterkre handen
m’n schouders omvatten en mijn lijf strelen,
als ik ’s avonds, van verlangen moe,
alvorens slapen gaan, wel doe.
(Dan ben ik naakt en mijn naaktheid wiegel
ik vóór de zacht-belichte spiegel,-
de elektriese lamp is gehuld in een zijde-bloedrode bloem.-)
ik wacht en voel ’t immense van mijn leed,
wijl ik slechts vaag weet mijn leven inkompleet


Paul van Ostaijen

Uit:
Verzamelde gedichten
Bert Bakker
Amsterdam, 1992.

20:45 | Commentaren (0) | Tags: tederheid

27.12.2007

Zestien jaar geleden.

het huis kantelt

.

Steek een kaars
op bij de koffie

Uit
Scheurkalender 91
Stichting Vrienden van Loesje
A. W. Bruna Uitgevers BV
Utrecht, 1990

 

 

 

20:00 | Commentaren (1) | Tags: tederheid

21.09.2007

In het avondrumoer.

goudblond colour2
Voor mekaar



Vroeger hield ik alleen van je ogen.
Nu ook van de kraaiepootjes ernaast.
Zoals er in een oud woord als meedogen
meer gaat dan in een nieuw. Vroeger was er alleen haast


om te hebben wat je had, elke keer weer.
Vroeger was er alleen maar nu. Nu is er ook toen.
Er is meer om van te houden.
Er zijn meer manieren om dat te doen.


Zelfs niets doen is er daar één van.
Gewoon bij mekaar zitten met een boek.
Of niet bij mekaar, in 't cafè om de hoek.


Of mekaar een paar dagen niet zien
en mekaar missen. Maar altijd mekaar,
nu toch al bijna zeven jaar.





Herman de Coninck



Uit
De gedichten
De Arbeiderspers
Amsterdam/Antwerpen, 2000

20:01 | Commentaren (0) | Tags: tederheid

18.06.2007

Die heeft, als wij, gedroomd, gehoopt, geleden.

blond Charmed_KaleyCuoco_2005-01

.

 

Omdat

je billen

je borsten

je dijen

zo warm zijn.

 

Daarom.

 

Riekus Waskowsky

 

Uit

het tijdschrift Exalto

Rotterdam, ± 1961]

21:45 | Commentaren (0) | Tags: tederheid

05.11.2006

Nader zacht

appelboom

Onder de appelboom

 

Ik kwam thuis, het was

een uur of acht en zeldzaam

zacht voor de tijd van het jaar,

de tuinbank stond klaar

onder de appelboom

 

ik ging zitten en ik zat

te kijken hoe de buurman

in zijn tuin nog aan het spitten

was, de nacht kwam uit de aarde

een blauwer wordend licht

in de appelboom

 

toen werd het langzaam weer te mooi

om waar te zijn, de dingen

van de dag verdwenen voor de geur

van hooi, er lag weer speelgoed

in het gras en verweg in het huis

lachten de kinderen in het bad

tot waar ik zat, tot

onder de appelboom

 

en later hoorde ik de vleugels

van ganzen in de hemel

hoorde ik hoe stil en leeg

het aan het worden was

gelukkig kwam er iemand naast mij

zitten, om precies te zijn jij

was het die naast mij kwam

onder de appelboom

zacht en dichtbij

voor onze leeftijd.

 

Rutger Kopland

 

Uit:

Onder het vee.

G. A. Van Oorschot, Amsterdam 1966

11:05 | Commentaren (0) | Tags: tederheid, liefde

12.10.2006

 Een zucht van mijn huid

triumfera

Zomer met John

 

Soms komt hij als lief-heersbeest

soms als een blauwe strontvlieg

en dan weer als vlinder

 

’t is zaak om hem met minder

dan een zucht

van mijn huid

te houden.

 

Mieke Kirkels

 

Zomer met John

Inzending poëzie wedstrijd 2001

J. M. Meulenhoff, Amsterdam

01.10.2006

 Reprise - Tederheid

tederheid solitgr

Tederheid zal ik u noemen

 

Gij maakt mij wilder dan gras

en bloemen, ik die al wilder dan water ben

hoe zal ik u in mijn hartstocht noemen

u die ik nauwelijks ken.

 

Zal ik u lief en beminde noemen

in hoeveelheid namen vloeit gij mij uit

nooit stond een zomer zo te bloeien

in al zijn linden in al zijn kruid.

 

Hoe zal ik u in mijn kamer noemen

al gij schreiend uw mond drukt op mijn huid

als gij stamelend man wordt in al uw zoenen

tederheid zal ik u noemen.

 

Aleidis Dierick

 

Uit:

Gedichten voor een man

Orion, Bruggen 1978

16.02.2006

Schoudergeschud

 

Tederheid zal ik u noemen

 

 

Gij maakt mij wilder dan gras

en bloemen, ik die al wilder dan water ben

hoe zal ik u in mijn hartstocht noemen

u die ik nauwelijks ken.

 

Zal ik u lief en beminde noemen

in hoeveelheid namen vloeit gij mij uit

nooit stond een zomer zo te bloeien

in al zijn linden in al zijn kruid.

 

Hoe zal ik u in mijn kamer noemen

al gij schreiend uw mond drukt op mijn huid

als gij stamelend man wordt in al uw zoenen

tederheid zal ik u noemen.

 

Aleidis Dierick

 

Uit:

Gedichten voor een man

Orion, Bruggen 1978

 

01:06 | Commentaren (0) | Tags: tederheid, man

06.06.2005

2 NOVEMBER 1936

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Mag men bekennen dat men mint

en zijn gevoelens, denken, daden,

uitstrooien als bevliesde zaden,

en hopen, dat een gunstige wind

 

hen naar het veilig hart zal vlagen

dat open ligt en toebereid?

En na een koesterende tijd

hen groeiend zien en bloemen dragen?

 

Ik heb ’t gewaagd; aanvaard mijn schrift.

Neem, lees, en wees als ik gelukkig

en handel liefdrijk met mijn nukkig

hart en mijn ongebroken drift.

 

Willem de Mérode

[pseudoniem van Willem Eduard Keuning 1887 – 1939]

 

Uit

De Levensgift,

Bosch & Keuning, Baarn





19:32 | Commentaren (0) | Tags: man, tederheid

24.04.2005

The day of Juliette Binoche

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zestien

 

iv

 

Nu ik het samenzijn beleef

met het meisje van zestien jaar:

o beginsel des levens, geef

dat ge nog in mij klaar

ligt nu zij het stof wegveegt

uit mijn haar met haar handen en haar.

 

Gerrit Achterberg

 

Uit

Het weerlicht op de kimmen

Een keuze uit de gedichten

Querido



18:57 | Commentaren (0) | Tags: man, tederheid, meisje

23.04.2005

The day of Franka Potente

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zestien

 

iii

 

Van het meisje van zestien jaar

zijn dit de borsten; neem ze maar

zegt ze, je handen dorsten er naar;

en mij is het even wonderbaar:

hoe door mij heen een verte valt

met een zoetheid zonder oponthoud,

die zich tot firmament versmalt

’s nachts buiten mijn raam.

 

Gerrit Achterberg

 

Uit

Het weerlicht op de kimmen

Een keuze uit de gedichten

Querido





15:30 | Commentaren (0) | Tags: meisje, man, tederheid

13.04.2005

Als het licht

 

 

 

 

Onderwereld

Als man ben ik een vrouw en daarom houd
ik lesbisch van vrouwen, homoseksueel
door dubbele omkering van 't geijkt systeem
der ruimte, slechts vermoedend wat er scheelt
als ik een schoot ontbloot en toegang zoek
tot ondergrond waar ik op eigen diepte stoot.

't Verhoogt de bittere voldoening van mijn bloed
een zwangerschap te voelen aan de leegte van
mijn buik die zich verdwaald weet in een man.
Ik draag een moeder in mij die mij kwelt
omdat zij koestert wat ik haar verwijten moet,
waarvoor geen nieuwe wetten zijn gesteld.

Zo wemel ik van bloedverwantschap met mijzelf,
een groot gezin van lusten die ik vluchtig ken,
maar onderhand ontdek als ik mij spelend meet
met vrouwen die haar naaktheid lang en breed
uitspreiden, niet verstrooid door wat een huid bedekt
die zich begerig uit haar voegen strekt.

 

Adriaan Morriën


01:38 | Commentaren (0) | Tags: man, tederheid, geil

04.04.2005

Lente-morgen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

lente-morgen

 

Zij hield den spiegel en bewoog toen even

het hoofd in zacht gewiegel, want gedachten

die haar lippen tot een glimlach samenbrachten

waren uitgevlogen… En een beven

van verwachting had haar hart zoo zeer bevangen

dat zij nauwelijks scheen te leven anders

dan een licht-bewogen, vroeg-ontloken

voorjaarsbloem.

 

H. van Elro [Roel Houwink]


11:41 | Commentaren (0) | Tags: tederheid, meisje

22.03.2005

Zondermeer

Vrijheid van denken

 

Als ik aan je mond denk

wanneer je mij iets vertelt

dan denk ik

aan jouw woorden

en aan jouw gedachten

en aan de uitdrukking

van jouw ogen

terwijl jij spreekt

 

 

 

Maar als ik aan je mond denk

wanneer die aan de mijne ligt

dan denk ik

aan jouw mond

en aan jouw mond

en aan jouw mond

en aan jouw schoot

en aan jouw ogen

 

Erich Fried

 

Uit

100 Gedichte ohne Vaterland.

Berlin 1978.

[vertaald door Hans W. Bakx.]

 






21.03.2005

Tegen de kijkcijfers in. [iii]


 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

 

 

 

Als koele knoppen

is uw aanwezigheid,

als rozeknoppen

uw zachte bloedwangen, uw vroolijkheid,

als schittrende droppen

van zover van uitdagenheid-roolijkheid,

zijn uwe oogen als ge ze van mij trekt

en ’t heerlijk lijnig  lichaam van mij rekt

achterover, zijlings, als riet,

opdat ge mij medetrekt,

wijl uw zachtbloeiende lach mij zegt:

komt ge niet?

 

Herman Gorter

 

Uit

nederlandse  liefdespoëzie

bijeengebracht

adriaan morriën

1956se  Ltiefdespols riet,

ijk an mij trektals rozeknoppen







00:07 | Commentaren (0) | Tags: man, in bed, tederheid

01.03.2005

Maartsche sneeuw

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Maartsche sneeuw

 

Als onaantastbaar manna ligt
Op Maartsche sneeuw het nieuwe licht
  Van de' eersten lentedag -
Nooit in zoo overdaadgen val
Vond mij het blond geluk in al
  De lenten die ik zag. . .

In welke schuren opgeleid,
Wordt iedre gomer zaligheid
  Voor de eeuwigheid bewaard,
Dat alle ziel die eerlijk mint,
In nieuw geluk de som herwint
  Van al geluk verjaard? . . .

O kind dag zong hoe niets beklijft,
Hoe elke zomer overdrijft
  En niet éen bloem ons laat,
Hoe alle loon van lieven is
De dieper vore van gemis
  In 't vleesch van uw gelaat -

Nu blijkt uw goddelijkste goed
Dat ge al bezit verzaken moet
  En immer ledig scheidt,
Daar dorst van ongemengd gemis
Alleen door zanden wildernis
  Naar nieuwe tochten leidt.

Nu blijkt uw huis dit zalig veld
Waar manna dauwt en water welt
  Uit lucht en bodem braak:
Hemelsche spijs en drank waarvan
Geen sterveling onthouden kan
  Den smakeloozen smaak. . .

Als dood nog anders is dan rust,
Een nieuwe droom en zielsbewust,
  Ik hoop geen rijker deel
Dan deze diepe heerlijkheid:
Mijn hof dien sneeuw- en zonglans wijdt
  Tot dit verlucht priëel. . .

Als onaantastbaar manna ligt
Op Maartsche sneeuw het nieuwe licht
  Van de' eersten lentedag -
Nooit in zoo overdaadgen val
Vond mij het blond geluk in al
  De lenten die ik zag.

 

P. C. Boutens (1870-1943)

 

Uit de bundel "Vergeten liedjes", zesde druk
C.A.J. van Dishoeck, Bussum, 1929