26.01.2010

Alles wat ik ben.

Zapruder Stress....

Naar de bergen kijken

Wanneer de Zwitserse avond valt,
loert in het tegenlicht, achter het waaiende wit van gordijnen
de berg.

Zijn blik is het slijm
in het hart van de dingen
dat ons opjaagt, opgejaagd hart.

Het is geruis
van graniet
dat heimelijk door onze beschouwingen schuift.

Het woont in een hand
die als schaduw
zich over de buigende rug werpt van een man die zijn kinderen
glimlachend instopt of, laat aan zijn tekentafel,
nog een glimp van de wereld ontwerpt.

Als je ooit naar een berg hebt gekeken,
kijken de bergen voor altijd terug,
al is dat een mistflard, de klank van een koebel,
het bergpuin dat in de morene
onze aandacht verdeelt.


Dirk van Bastelaere

Uit
Hartswedervaren
Contact
Amsterdam, 2000

 

23:36 | Commentaren (1) | Tags: land

16.12.2009

Onmerkbaar sloten ze mij van de wereld buiten af.

Winter in Pompeï

Toeval

Het wintert in Pompeï. De tijd
van vegen, opruimen, restaureren
en verder graven in de as.
Er zijn recruten ingezet,
soms wordt een kiek gemaakt.

Zes jaar verlopen, en in je tent
’s nachts om drie uur toon je me foto’s:
kijk, toen was ik in dienst,
we groeven een villa op in Pompeï,
het was berekoud, ik heb nog
een munt achterover kunnen drukken, hier!

Weer een paar jaar later blader ik
in een catalogus over Pompeï. Met een schok
herken ik de foto, je dikke trui, je mutsje,
het was berekoud, zei je. Het muntje
schuift koel over mijn warme borst.

Hans Warren

Uit
Verzamelde Gedichten 1941 - 1981
Bert Bakker
Amsterdam, 1981.
 

21:45 | Commentaren (0) | Tags: land

01.05.2009

Jamais deux sans trois.

land, gij breekt mij aan

West-Vlaanderen

Dun lied donkere draad
land als een laken
dat zinkt.

Lenteland van hoeven en melk
en kinderen van wilgehout.

Koorts en zomerland wanneer de zon
haar jongen in het koren maakt.

Blonde omheining
met de doofstomme boeren bij de dode haarden
die bidden 'Dat God ons vergeve voor
wat hij ons heeft aangedaan'.

Met de vissers die op hun boten branden
met de gevlekte dieren de schuimbekkende vrouwen
die zinken.

Land, gij breekt mij aan. Mijn ogen zijn scherven.
Ik in Ithaka met gaten in mijn vel,
ik leen uw lucht in mijn woorden.
Uw struiken uw linden schuilen in mijn taal.

Mijn letters zijn: West-Vlaanderen duin en polder.

Ik verdrink in u,
land. gij wordt een gong in mijn schedel en soms
later in de havens
een kinkhoorn: mei en kever. duistere lichte
aarde.

Hugo Claus

Uit
Gedichten 1948- 1993
De Bezige Bij
Amsterdam, 1994

21:45 | Commentaren (0) | Tags: land

03.03.2009

Le Plat Pays

23:01 | Commentaren (0) | Tags: land

28.12.2008

Liep december op z'n einde

Maar wel Kristin xx

Maastricht, 28 december 2000

Ik ging naar Maastricht om
Moniek Toebosch te zien.

Ik lees je hier, ik hoor je hier,
ik zie je hier geprojecteerd
op witte muren. En als pop
zo groot als jij en in de juiste kleren.

Ik lees op een andere muur
meer woorden over meer daden
dan ik van je gezien heb.

Ik mis je grote plastic oor.
Ik mis je antwoord. Ik besluit:

Moniek Toebosch is niet Moniek Toebosch
zonder Moniek Toebosch.


L. Th. Lehmann


Uit
Toeschouw
De Bezige Bij
Amsterdam, 2003

21:45 | Commentaren (0) | Tags: land

28.07.2008

Eigenhandig.

Ignorantia facti

 










Kap

Ze braken het bos
af: boom voor boom
gingen ze tegen de grond,
de dennen.

Zo klein als ik was
keek ik plotseling
doodgewoon over hen heen.

In het nieuwe licht rezen
wijken op, wegen kwamen
en gingen overal naar toe.

Die sloeg ik dan ook in.
De bomen achterna.

Maarten Doorman

Uit
Weg, wegen
Bert Bakker
Amsterdam, 1985

 

21:45 | Commentaren (0) | Tags: land

04.01.2008

Ma surprise était grande.

Zwanen in Brugge

 

Zwanen bij nacht


Zij kunnen het niet laten licht te geven,
hun drijven is aanwezig in de nacht
als liggen er twee lampen in het water
gelijk van sterkte, gelijk van kracht.


Chr. J. van Geel

 

Uit
Verzamelde gedichten
Van Oorschot.
Amsterdam, 1997.

20:00 | Commentaren (0) | Tags: land

15.10.2007

Uit het hart

rivierenland
Ab imo pectore

Daar waar de bloesem
eeuwig lijkt te bloeien,
tussen de velden
echoot de wind;

voorbije klanken,
ritselend gras,
het enthousiasme
van een kind.

Daar waar het ritme
van het water,
in alle mensen
lijkt te stromen.

Ons rivierenland,
daar ben ik
thuisgekomen.

Marije Geerts

Uit:
Poëziepuntgl
Jaargang 5 editie 3

20:00 | Commentaren (0) | Tags: land

25.05.2007

Vingeroefening

finger ii

Zadoesjnitsa

 

Op het dunne blad van een treurwilg
drijf ik traag over de wateren
van Schelde, Zenne, Nete, Leie...

 

Het blad is smal, maar ik maak plaats
voor mieren, vechtend voor hun leven,
voor vermoeide bijen, oude vlinders,
voor zielen van verdronken dieren,
voor zielen van verdronken kinderen,
in Schelde, Zenne, Nete, Leie...

 

Zo drijven we dan met zijn allen
onbevreesd voor regen, droogte,
voor het ijs en voor de sneeuw
altijd verder naar de wateren
van Stroema, Mesta, Jantra, Jana...

 

Tussen het riet, op bolle stenen,
wachten de voorouderlijke zielen
en een wit libelletje - mijn moeder! -
vliegt naar me toe om me toe zoenen,
ginder aan de snelle wateren
van Stroema, Mesta, Jantra, Jana...

 

 

Maja Panajotova

 

Uit

Verzwegen alibi

Manteau

Antwerpen, 1983

23:30 | Commentaren (0) | Tags: land

04.05.2007

 Altijd al het land gehad.

geen rome maar Denver_Lightning

Verschiet te Rome

 

Ruïnes? Ik weet ze in mijn leven al.

Een weids terrein vol brokken, zelf gemaakt,

uit eigen grond gestampt. Maar avondgloed

te Rome, zachtvurige zonsravage regenboogbekroond

 

laat door geen glorieus verwoest bestaan

zich evenaren. Ik zie die wondere

ondergang, besef hoe mijne evenmin fataal

en keer op keer als voor het eerst zal zijn.

 

 

Anneke Brassinga

 

Uit

Verschiet

De Bezige Bij

Amsterdam, 2001

21:15 | Commentaren (0) | Tags: land

16.12.2006

Zonder schaamte

Kabul%20River

Vietganistan

 

De hutten brandden
bijna dagelijks toch werden
sommigen steeds opnieuw bang zoals
het naakte meisje zonder schaam-
haar dat schreeuwend in het kale
landschap vluchtte thans prijkt ze
ongedeerd op de World Press Photo-stop

 

Jana Beranová

 

 

Uit

Geen hemel zo hoog

Agathon

Bussum, 1983

11:14 | Commentaren (0) | Tags: kritiek, dagen, land

24.11.2006

Onschuldig land

Ysolde

 

Zwerver

 

Op geen enkel

stuk

grond

kan ik

thuis zijn

 

Bij elk

nieuw

klimaat

dat ik onderga

voel ik me

kwijnend

omdat

ik er

ooit eens

aan gewend was

 

En steeds maak ik me los

als vreemde

 

Bij het geboren worden

teruggekeerd uit te

doorleefde tijden

 

Eén enkele tel

genieten van beginnend

leven

 

Ik zoek een onschuldig

land

 

Girovago

 

In nessuna
parte
di terra
mi posso
accasare

A ogni
nuovo
clima
che incontro
mi trovo
languente
che
una volta
già gli ero stato
assuefatto

E me ne stacco sempre
straniero

Nascendo
tornato da epoche troppo
vissute

Godere un solo
minuto di vita
iniziale

Cerco un paese
innocente

 

G. Ungaretti

 

Campo di Mailly, 1918

 

 

vertaling Salvatore Cantore

 

15:15 | Commentaren (0) | Tags: leven, land, onschuldig

09.12.2005

Niemands meester, niemands knecht. (v)

 

 

 

Elke idiote Belg is een consul.

 

Johan Anthierens



03:32 | Commentaren (0) | Tags: land

20.11.2005

 Niemands meester, niemands knecht (iii)

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Liever gedij ik in een deegachtig België dan in een bruingebakken Vlaanderen.

 

Johan Anthierens



23:42 | Commentaren (0) | Tags: land

27.10.2005

Willem in 1983 -> www.wfhermans.net

 

 

U verwijt de Vlamingen...

 

...dat zij slecht vertaald Frans schrijven. Dat ze menen dat er een Algemeen Beschaafd Nederlands kan bestaan naast het echte Nederlands. Anderzijds wordt mij in Vlaanderen altijd ingepeperd, hoewel ik voor het Derde Programma van de BRT enkele jaren geleden een hele uitzending lang het standpunt heb verdedigd dat de vele Vlaamse negentiende-eeuwse auteurs een minder gekunsteld taal schreven (hoewel rijk aan particularismen), een taal simpeler en helderder dan het dominees-Nederlands waartegen Multatuli en de Tachtigers in opstand kwamen. In de zomer van '78 logeerde ik bij Geert Lubberhuizen in Ierland. Buiten word ik vroeg wakker, en toen bladerde ik in een uitvoerige Nederlandstalige bloemlezing op zoek naar citaten (bestemd voor titels van boeken) en werd ik getroffen door erg veel Vlaamse dichters uit de vorige eeuw zoals M. Doolaeghe:

    Mijn hart verliest de lust tot zingen

    Sinds weemoed mij heeft aangetast.  

Van Jan Brester:

    De dwaze doet dit spade

    De wijze doet het vroeg. [i]  

Van Theodoor Van Rijswijck:

    Maar de winter

    Dra verschenen

    Jaagt het najaar

    Voor zich henen

    En de regens

    Werden stenen

    En de wateren

    Kristal.  

Nou da's heel simpel en veel Noord-Nederlandse tijdgenoten hadden daar vinger en duim bij kunnen aflikken als ze zoiets hadden kunnen maken. De gezusters Loveling, veel gesmaad, schreven een gedicht, Moeders krankheid, zeer cynisch. Recht voor z'n raap, oprechte volkspoëzie. Julius de Geyter schreef Op Zetternam's Graf, die naam alleen al! of van A.L. De Rop:

    Een vlucht van bonte kraaien

    Strijkt neder in het bos

    En nog één enkele vlinder

    Zweeft wapperend over 't mos.

 

Da's toch heel mooi! Een wapperende vlinder. Ook mooi van Jan van Beers het lange gedicht De zoon van de metseldiender, dat is mij bijzonder aan het hart gebakken omdat de zoon Willem heet, net als ik.

Ik herhaal hier wat ik toen over de Brt verklaarde, dat wie een proefschrift over mijn boeken zou schrijven, het volgende als motto zou moeten gebruiken - van Karel De Geldere:

    Hij draagt de wereld rond

    Op zijn verwenste schouders

    De nooit ontlaste vloek

    Van zijn misprezen ouders.  

Wat hebben de Vlamingen dan te klagen over mijn gebrek aan  waardering voor hun literatuur?

 

 

UIT EEN INTERVIEW MET Willem Frederik Hermans

Snoecks 1983



[i] Gisteren stuitte ik via internet op een interview uit 1983 van Snoecks met W.F. Hermans, dat door Fredy de Vree wordt ingeleid.
Graag wil ik bij dat interview een kanttekening maken.

Naar aanleiding van de vraag "U verwijt de Vlamingen...." vertelt Hermans, dat hij getroffen was door citaten van Vlaamse dichters uit de negentiende eeuw. Daarbij haalt hij onder andere twee dichtregels van Jan Brester aan. Blijkbaar ging hij ervan uit dat deze dichter ook een Vlaming was. Niets is echter minder waar: hij was honderd procent Amsterdammer.

Jan Brester Azn. (1805-1862) was de oudste broer van mijn overgrootvader. Enige jaren geleden heb ik uitgebreid onderzoek gedaan naar onze familie van vaderskant, waarbij ik juist over deze verre oom veel te weten ben gekomen.
In zijn tijd was hij in Amsterdam namelijk een vrij bekende figuur. Hij was makelaar in koffie en thee, maar beoefende daarnaast de dichtkunst. Zijn gedichtjes en gedichten verschenen van 1828 tot 1837 in de "Nederlandsche Muzen-Almanak". Zijn bekendste waren de "IJsstukjens". Onder zijn letterkundige vrienden telde hij Beets en Potgieter. Verder was hij lange tijd secretaris van de "Maatschappij tot Nut van 't Algemeen" te Amsterdam en medeoprichter en permanent secretaris van de "Vrijdagsche Vereeniging" die "het oefenen in het discussiëren" ten doel had.
Na zijn overlijden werden zijn verzamelde gedichten "op wens van zijn vrienden en vereerders" gebundeld en uitgegeven "ten voordeele van de Vereeniging voor Ziekenverpleging".
In "De Nederlandsche Spectator" van 27 december 1862 werd hij met een artikel herdacht, later ook in de "Levensberichten v.d. Mij. der Ned.Letterkunde" van 1864 (p. 386). In het "Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek" (1927, deel 7) wordt vrij uitgebreid aandacht aan hem besteed.

Dit alles wilde ik U graag even vertellen.
Met vriendelijke groet,

HK (geboren Brester)

oktober 2003

HK laat weten dat de hierboven geciteerde regels de laatste twee zijn van het gedicht:

 

        Leven

Wij reppen onze schreden, 
    En scherpen ons gezigt, 
En zoeken hier beneden 
    Wat verre vóór ons ligt; - 
Verzuimen en verzaken,
    Wat ons omringt, wel niet,
Maar hijgen toch en haken    
    Naar vrolijker verschiet.    
Lacht ons een heuvel tegen, 
    Met welig groen beplant, -  
Wij vinden steile wegen, 
    En distels in het zand:  
En lokt het dal beneden           
    Ook door zijn digt gewas,-  
Dáár smoren onze treden    
    in loos bedekt moeras;   
En als met minzaam vleijen  
    Der bergen top ons trekt, -                  

Wij vinden woestenijen

    Met digte sneeuw bedekt.

Een dwaalspoor vóór de schreden,

    En de eindpaal ongewis, -

Zoo zoeken wij beneden

    Wat niet beneden is.

Tot we eind'lijk, duizendwerven,

    Bedrogen en misleid,

Vermoeid zijn van het zwerven

    Om niets dan ijdelheid.

Dan slaan wij 't oog naar boven,

    En zien der heemlen pracht,

Vertrouwen en gelooven, 

    Dat dáár het heil ons wacht.

Dan bidden we om genade,

    Ons zelven niet genoeg. -

De dwaze doet dit spade;

    De wijze doet het vroeg

 










21:29 | Commentaren (0) | Tags: land, dakraam

30.09.2005

The Brussels Journal

Een Papieren Tijger Verscheurt België


From the desk of Koenraad Elst on Mon, 2005-09-26 16:05

Dezer dagen vergasten de media ons op historische overzichten van 175 jaar België. Wie lang geleden op school nog echte vaderlandse geschiedenis gekregen heeft (genre “1830: de opstand bevrijdde het Belgische volk van het Hollandse juk”, “Leopold II schonk ons Kongo”), kan uit deze uitgaven, zoals het extra Knack-nummer “De geboorte van België”, weinig nieuws bijleren: het volgt allemaal braaf de begane paden. Nou goed, Leopold II wordt bekritiseerd om zijn onmenselijke exploitatie van Kongo, maar dat is ook al een tijdje gewoon de communis opinio.

De enige auteur die het verhaal van België echt kritisch brengt, en daarbij heel wat onontgonnen (hoewel doorgaans wel gekende) bronnen gebruikt, is ook degene die in de media volledig buiten beeld gehouden wordt: Paul Belien. Zijn boek A Throne in Brussels: Britain, the Saxe-Coburgs and the Belgianisation of Europe (Imprint-Academic, Exeter 2005) vindt in België niet eens een uitgever. De reden is evident: de hele media- en culturele sector in ons land is streng conformistisch, terwijl Beliens versie van de Belgische politieke en vooral dynastieke geschiedenis de status-quo bedreigt.

Belien toont aan dat België een structureel corrupte staat is die de loyauteit van individuen en groepen (zoals het episcopaat en de socialistische beweging) afkoopt door hen bijzondere gunsten toe te schuiven ten nadele van andere, voor de machtsuitoefening minder belangrijke delen van de bevolking. Het boek is een prettig leesbaar verhaal vol veelzeggende anekdoten over de minder prettige manoeuvres van het Belgische vorstenhuis en de Belgische politieke leiding om hun eigen belang te dienen en, in functie daarvan, de Belgische staat te bestendigen. En het relateert deze geschiedenis aan de huidige stand van zaken, nu de gedurende 175 jaar gegroeide zweer pijnlijk begint te etteren.

Kunstmatige staat?

Volgens Belien is de structurele corruptie van België een gevolg van het velerzijds (ook door koning Leopold I) erkende feit dat dit een kunstmatige staat is, niet de politieke belichaming van een zogenaamd Belgisch volk, aangezien dit niet bestaat. Niet dat meertalige of pluri-etnische staten geen democratische legitimiteit kunnen verwerven, zie Zwitserland, maar in België is dat nooit gebeurd, ondermeer omdat het door zijn anti-Vlaamse beleid voor de Vlaamse meerderheid nooit een vaderland werd om lief te hebben. Terwijl de eenwording van Italië of de afscheiding van de Baltische staten uit de Sovjet-Unie door authentieke volksbewegingen gedragen werd, was de schepping van België alleen het stoemelingse resultaat van kleine intriges en militair-diplomatieke machtsverhoudingen. Geen enkele van de betrokken actoren in 1830 wilde het ontstaan van de staat België: de samenzweerderskliek die de “opstand” op het getouw zette, wilde de aanhechting bij Frankrijk, hun veel talrijker tegenstanders wilden het behoud van de Nederlandse eenheid, en de mogendheden waren in deze alleen bekommerd om de inperking resp. (in het geval van Frankrijk) de uitbreiding van de macht van het land dat slechts decennia eerder Europa in de chaos en de oorlog gestort had. En daarom zal België de weg gaan van de slechts door overmacht bijeengehouden kunstmatige staten zoals Joegoslavië en Tsjechoslovakije.

De lezer heeft reeds begrepen dat we dit boek warm aanbevelen, dat we hier bv. geen greep uit de anekdotes gaan doen omdat we erop rekenen dat u het boek zelf zal lezen; maar dan willen we nu wel de gelegenheid nemen om met de auteur op enkele punten van mening te verschillen. Om te beginnen: is België echt een kunstmatige eenheid? De Coburg-loyalisten in het BV-gilde zullen dat heel postmodern beamen doch toejuichen: leve de niet-identiteit! Enkele aftandse belgicisten zoals die van de schertspartij Belgische Unie/Unité des Belges zullen het ontkennen en vertwijfeld zoeken naar argumenten, die zeker te licht zullen uitvallen. Maar juist vanuit Beliëns eigen katholiek-conservatieve hoek zou een sterkere tegenwind kunnen waaien: jawel, het koninkrijk België is ontstaan op de grondvesten van een rëeel bestaande Belgische identiteit, want vóór het korte interregnum van de Verenigde Nederlanden onder koning Willem I (1815-30) vormden de zuidelijke Nederlanden gedurende meer dan twee eeuwen een aparte en bij uitstek katholieke politieke entiteit.

Reeds vroeg in de 80-jarige oorlog (1568-1648) tussen Spanje en de Nederlandse opstandelingen kwam de frontlijn ongeveer op de lijn die tot vandaag de Nederlands-Belgische grens vormt. Pas in 1648 werd die grens officieel erkend door de Nederlandse republiek en de andere mogendheden, maar toen was het bestaan van de Habsburgse, eerst Spaanse en vanaf 1713 Oostenrijkse, zuidelijke Nederlanden reeds lang een voldongen feit. Onder het bestuur van ondermeer de landvoogden Albrecht en Isabella was dit land een frontlijnstaat van de Contrareformatie geworden, tegen protestants Nederland en anglicaans Engeland (zoals later ook tegen seculier-maçonniek Frankrijk). Heel-Nederlandse nationalisten kunnen dit betreuren, maar vanuit katholiek standpunt was het toch het minste kwaad voor ons land. Er zijn immers belangrijker zaken dan de Nederlandse eenheid: wij Belgen bleven onder Spaans bestuur maar ook binnen het ware geloof, dus wij gaan naar de hemel, terwijl Willem van Oranje en zijn Hollanders er samen met de onafhankelijkheid ook de calvinistische ketterij bijkregen, zodat zij nu in het hellevuur hun succesvol separatisme betreuren.

De 18de eeuw onder de Oostenrijkse Habsburgers, die een bijna-monopolie op de keizerskroon van het Heilige Roomse Rijk verworven hadden, heeft voor conservatieve katholieken nog lang als een soort verloren paradijs gegolden. Als multi-etnische mogendheid onder een tolerant religieus regime met echter een duidelijke katholieke dominantie, hield het rijk stand tot 1918 (de Franse papenvreter Clémenceau had in WO1 alle Habsburgse en pauselijke vredesvoorstellen afgewezen precies omdat hij de kans schoon zag om deze laatste katholieke grootmacht te vernietigen), en nadien is het als model voor Europese integratie gekoesterd. Na het Franse bewind, toen Zuid- en Noord-Nederland ondanks een gemeenschappelijke bezetter nog steeds een apart bestuur hadden, stuurden de Belgische gilden een afvaardiging naar het Congres van Wenen (1814-15) om de wederaansluiting bij het Habsburgse rijk te bepleiten. Maar in Wenen geloofde men niet meer in middeleeuws-feodale “staten” bestaande uit letterlijk onsamenhangende gebieden, en men gaf er de voorkeur aan de aanhechting van het aangrenzende Noord-Italië, hoewel de Italianen dit niet wilden en regelmatig in opstand zouden komen.

Zo werden de katholieke Zuid-Nederlanders ertoe verplicht om hun lang vergeten banden te herstellen met de religieus vervreemde Noord-Nederlanders. Onder Willem I zou het besef van aparte Zuid- en Noord-Nederlandse identiteiten echter levend blijven en officieel erkend worden, ondermeer in de verdeling van hoge ambten, regeringszittingen e.d. tussen Noord en Zuid.

Uiteraard wil ik graag toegeven dat dit punt nog louter van historisch belang is. België werd na zijn onafhankelijkheid spoedig een bij uitstek liberale staat, of het had tenminste die reputatie, met een gesubsidieerde Kerk die de staat naar de ogen zag. Zijn rol als contrareformatorische frontlijnstaat verdween, zeker na de snelle secularisering van de Brusselse burgerij en de Waalse arbeidersklasse tijdens de eerste industriële revolutie. Juist die secularisering vergrootte de rol van de taal als factor van nationale identiteit, samen met de feitelijke ongelijkheid op basis van taal binnen de nieuwe staat. Mocht er onder de Habsburgers al iets als een Zuid-Nederlandse identiteit gegroeid zijn, dan maakte juist België daaraan een einde door Vlamingen en Walen in aparte identiteiten te sterken.

Gefaalde staat?

Een punt dat Belien moeilijk hard zou kunnen maken, en waaraan hij zich dan ook niet echt waagt, is dat België in concrete zin een gefaalde staat zou zijn. Hij laat bv. de kans liggen om aan te tonen dat de zeer ongunstig verlopen dekolonisatie van Kongo op één of andere manier het typische resultaat zou zijn van een intrinsiek Belgische kwaal. Gekruid met typisch Belgische blunders, vergiftigd door het Belgische standpunt dat men de Kongolese leiders via corruptie op het gewenste pad kon houden, dat wel; maar blijkbaar ontbreekt het aan concrete aanwijzingen dat een onafhankelijk Vlaanderen of een herenigd Nederland dit beter zou aangepakt hebben.

Pleitbezorgers van een onafhankelijk Vlaanderen wijzen er graag op dat kleine staten economisch beter presteren, getuige Singapore of IJsland of de veel betere prestaties van Tsjechië en Slovakije als aparte staten dan als delen van Tsjechoslovakije. Dat zou dus een mooi en belangrijk objectief criterium vormen om de wenselijkheid van Belgische eenheid versus Vlaamse onafhankelijkheid af te wegen. Welnu, in dit opzicht lijkt er weinig tégen België te pleiten, althans tot in de jaren 1970. Gezien zijn geringe omvang en gebrek aan natuurlijke rijkdommen, deed dit land het in termen van welvaartsschepping en van technologische vernieuwing anderhalve eeuw lang zeer goed.

Het is pas de laatste dertig jaar dat de Belgische staatsstructuur duidelijk nadelig begint te worden voor de welvaart van zowel Vlamingen als Walen, en dit op vele manieren, het meest opvallend door de Vlamingen de vruchten van hun werk af te nemen en door de Walen de lust tot aanpakken te benemen. Dit heeft voor een deel te maken met de grendelgrondwet en andere elementen in de vierkant draaiende Belgische variant van het federalisme. Deze verdeling in zogenaamd zelfbesturende deelstaten geeft de Vlamingen paradoxaal genoeg minder macht en maakt het de franstaligen beter mogelijk om elk vooruitstrevend Vlaams initiatief te saboteren.

In het unitaire België konden Vlamingen en Walen net als nu óók geen op eigen maat gesneden werkgelegenheidsbeleid voeren, maar tenminste vonden Waalse politici en kapitalisten het normaal om te investeren in Vlaams-Belgische projecten zoals de uitbreiding van de havens. In het federale België daarentegen, dat een federale loyauteit vergt die de Walen weigeren, kunnen zij volop schade toebrengen aan de Vlaamse en Belgische economie ten voordele van de Franse. Nu, ongeacht de structuren zou goede wil veel kunnen goedmaken, maar de anti-Vlaamse nijd heeft duidelijk de bovenhand (tot en met in het koningshuis), zie dossiers als de weigering om Sabena of de Generale Bank te redden via een samengaan met de Nederlandse KLM resp. ABN-AMRO, of de afbouw van de kernenergie in Mol ten voordele van de Franse kernindustrie.

Het federale België is zeker een ramp voor Vlaanderen en eigenlijk ook voor Wallonië, maar in historisch perspectief moet men erkennen dat een hersteld unitair België tot de alternatieven kan behoren. Althans in louter economische termen, want het is duidelijk dat het gevoelsmatige draagvlak voor zulk een herstel van het unitaire België massaal ontbreekt. De Walen kunnen het de Vlamingen minder dan ooit vergeven dat zij (de Walen) bij hen (de Vlamingen) in de schuld staan. Ondanks af en toe een mediatieke geste naar de Vlamingen, bereiden de Waalse politici zich voor op de ontbinding van België en hun gedachten verwijlen meer en meer bij de berekening van de materieel gunstigste exitformule.

Euroskepsis

We hebben aan het begin gezegd dat Beliëns studie de Belgische status-quo bedreigt. Is dat niet wat veel eer voor zoiets hulpeloos als een boek? Wel, het is inderdaad mogelijk dat dit boek een concrete rol gaat spelen in de desintegratie van België.

Het belang van dit boek ligt in zijn verbinding van het Vlaamse onafhankelijkheidsstreven met een morele agenda, volgend uit de historisch vastgestelde en door Beliën zeer overtuigend beargumenteerde intrinsieke band tussen de Belgische staat en diverse vormen van corruptie. Althans, dat is het inhoudelijke belang, maar dat is op zich niet groot, want er zijn zoveel boeken die de waarheid zeggen doch politiek volstrekt zonder effect blijven. Geopolitiek heeft dit boek echter een zeker gewicht omdat het de Angelsaksische wereld kan helpen te overtuigen om, de dag dat het erop aankomt, de desintegratie van België niet tegen te werken maar juist goed te keuren en mee te begeleiden.

Paul Belien speelt handig in op Angelsaksische gevoeligheden, ondermeer door de twijfelachtige loyauteiten van de oorlogsvorsten Albert I en Leopold III in de verf te zetten. Cruciaal is zijn stelling dat de EU, die net als de Coburgs haar troon in Brussel opgesteld heeft, als kunstmatige constructie de intrinsieke corruptie en de schijndemocratische manipulaties van België aan het reproduceren is. Euroskepsis is een aanzwellende macht, en het zal een groot verschil maken als men deze tegen België en ten gunste van Vlaanderen kan mobiliseren. Belien heeft het correct ingezien: als Vlaanderen onafhankelijk wordt, zal het zeer waarschijnlijk niet het werk van de Vlaamse beweging zijn. Doorslaggevend wordt het samenspel van internationale mogendheden, net als bij het ontstaan van België

 


01:10 | Commentaren (0) | Tags: land, kritiek

19.06.2005

Tip voor (De) Morgen

 

 

 

 

Geuzennieuws

Fijn dat u belangstelling hebt voor refdag.nl, de nieuwssite van het Reformatorisch Dagblad.

Vandaag is het zondag. We wijden deze dag in het bijzonder aan de dienst van God. Wij beschouwen de zondag als een rustdag, een opdracht van God en een geschenk, waar we dankbaar voor mogen zijn. Om die reden actualiseren we onze site vandaag niet.

Staat het nieuws dan stil op zondag? Nee, dat niet - we leven in een jachtige tijd waarin het verschil tussen zondagen en werkdagen helaas steeds kleiner wordt.

Morgen brengen we u graag weer op de hoogte van de dagelijkse gebeurtenissen, voorzien van achtergronden, commentaar en opiniërende artikelen. Zoals u dat van ons gewend bent.

 

Hoofdredactie Reformatorisch Dagblad


 


23:12 | Commentaren (0) | Tags: land

17.06.2005

Evident voor Bart Somers

Taal en logica

 

(…)

Als we quasi-logische redeneringen toepassen op taal en daarmee taalgebruik al te letterlijk nemen, dan mogen we tal van woorden en uitdrukkingen niet meer gebruiken. U gebruikt nog het woord atoom? Jammer, dat mag nu niet meer. U moet weten: atoom betekent eigenlijk ‘onsplitsbaar’. Maar sinds de uitvinding van die verschrikkelijke bom zijn de elementen waarvan men eerst aannam dat ze onsplitsbaar waren, toch te splitsen. Gebruikt u nog het woord overhemd? En gebruikt u dat woord ook als u er geen hemd ònder draagt? Volstrekt onlogisch. Logisch geredeneerd is er geen hoop meer voor mensen die hopeloos op elkaar verliefd zijn (…)

 

Tot slot, ooit gedacht aan een ontspoorde trein als u hoorde omroepen: de trein staat gereed òp het perron?

 

J. Renkema

 

Uit

Schrijfwijzer

Staatsuitgeverij, ’s-Gravenhage 1982



01.06.2005

Inmiddels de schaamte voorbij.

« (..)

Mensen gebruiken vaak het woord ‹therapeutisch› bij het schrijven.

 

Ik baal nogal van dat woord. Wel merk ik dat heel veel mensen zichzelf voor de gek houden. Als je schrijft zoals ik schrijf, krijg je ook een heel goed inzicht in je eigen donkere, destructieve en lelijke kanten. Op zo'n manier kom je tot zelfaanvaarding.

 

Als ik in de trein die gesprekken hoor en merk hoe hoog die mensen van de toren blazen, dan denk ik: heb je dan geen greintje zelfkennis? Zo veel mensen proberen angstvallig een bepaald beeld van zichzelf hoog te houden. In dat opzicht is schrijven wel therapeutisch.

 

En dat maakt ook dat het begrip ‹schaamte› niet veel meer betekent. Je weet heel veel over je duistere kanten. Die heb je dan een plaats gegeven. Het is aanvaard. Die zelfaanvaarding is bevrijdend. Je moet jezelf ook niet zo verschrikkelijk au sérieux nemen. Ik kan zeggen: ja, inderdaad, ik bén zo. Ik héb die neiging. Punt.»

 

 

Kristien Hemmerechts

in gesprek met Marja Pruis

De Groene Amsterdammer van 23-6-2001



24.05.2005

Pacta servanda sunt .

Vigilantibus jus scriptum est

 

 

Doek valt over conflict rond IJzeren Rijn

 



21:55 | Commentaren (0) | Tags: land

09.04.2005

Quote Pontiff John XXIII

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

It is now for the Catholic Church to bend herself to her work with calmness and generosity.

 

It is for you to observe her with renewed and friendly attention.


 

 



Pope John XXIII [Angelo Roncalli][

Pontiff 1958 – 1963



16:53 | Commentaren (0) | Tags: land, bidt niet

03.04.2005

Che altro ch'un sospir breve è la morte? Petrarca.

La plupart des hommes célèbres meurent dans un véritable état de prostitution.

Charles Augustin Sainte-Beuve, Mes poisons.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

La natur veut qu’on jouisse de la vie le plus possible

et qu’on meurt sans y penser.

Le Christianisme a retourné cela.

 

Charles Augustin Sainte-Beuve



01:44 | Commentaren (0) | Tags: bidt niet, land

21.03.2005

Goedemorgen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Oudste Belg is al 50 jaar dood

 

Angèle Vanmeerbeek uit Charleroi  is geen 109 jaar geworden, zoals het bevolkingsregister van de stad vermeldde. Na de dood van de oudste Belg, Victoire Rivaille uit Virton, werd Angèle als de oudste landgenoot opgespoord. In de rue Chavannes in Charleroi zou ze wonen, maar niemand kende haar daar.

 

Een speurtocht naar de hoogst bejaarde landgenote leverde niets op. Angèle bleef spoorloos.

Nu blijkt dat Angèle al in 1954 op 59-jarige leeftijd overleed en werd begraven nabij Parijs. De Belgische administratie werd niet verwittigd van haar overlijden. In Charleroi is ze intussen ,,ambtshalve'' geschrapt.


20/03/2005

 

uit

“de Gentenaar”
















00:33 | Commentaren (0) | Tags: land

19.03.2005

Ook in "De Gentenaar" : Kelly Pfaff gaat lopen met miljoenenjurk.


 
 
 
 

 
Ik zie heel vaak dat mijn Vlaamse collega's niets over Wallonië weten. Het beeld dat ze van ons hebben, is soms tien à vijftien jaar oud. Misschien moeten we meer doen om meer te weten over elkaar.
 
Elio Di Rupo




13:11 | Commentaren (0) | Tags: land

18.03.2005

Maria is gestorven.


 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

 

 

Het bovenzintuiglijke visualiseren

(...)

(Maar) uit een overzicht van de huidige filmproductie blijkt een steeds stijgende belangstelling voor films met een religieuze inslag: films waarin wordt aangetoond - naïef, zoals in de Verenigde Staten of steunend op een eeuwenoude traditie zoals in Italië - dat het leven niet eindigt na de dood; dat achter de angst en de absurditeit van deze op de rand van twee culturen staande tijd een Schepper en Ordenaar leeft die de mens niet aan zijn begrensd geluk overlaat en hem niet tot leven heeft gewekt om hem daarna terug te stoten in het Niet...

Het geloof in en de hoop op een transcendent wezen komt, onder allerhande gecamoufleerde vormen, in de film van de jongste jaren terug. Het is een aarzelend tasten nog. En tot dusver is alleen Bresson erin geslaagd om aan de realiteit van de genade filmische gestalte te geven. Maar dat op zichzelf is reeds het mirakel van de filmkunst, die dus toch niet zozeer aan de techniek en de materie is gebonden dat het haar onmogelijk zou zijn het onstoffelijke en het bovennatuurlijke te openbaren. Maar films maken kost geld. Het geld moet renderen en de producers geven het voedsel waar de massa naar hongert of meent te hongeren. Met andere woorden: de toekomstmogelijkheden van een christelijk georiënteerde filmproductie hangt in hoofdzaak af van de reactie van het publiek: dit wil zeggen: van allen die wel jammeren en kankeren, maar die als het erop aankomt DeMille verkiezen boven Bresson.

Uit

Film en religieuze inspiratie, 1958, p. 178, 181)

MARIA ROSSEELS



13:16 | Commentaren (0) | Tags: land

18.02.2005

Twijfelplankje

Tussen werktafel en nachtkastje,

Literaire non-fictie in Vlaanderen

Essay

 

 

(…)

Maar in Vlaanderen? Ik laat mijn ogen over het twijfelplankje van mijn boekenkast glijden. Er wordt opvallend weinig Zuid-Nederlands gesproken, daar bij dat groepje pendelaars. Ja, er zijn de voortreffelijke essays van Patricia De Martelaere, die academische filosofie naar een breder publiek vertalen. Er staan inspirerende werken van Van Istendael, Reynebeau en De Stoop bij. En mooie kunstkritieken van Leen Huet en Bernard Dewulf. Maar dan heb je het wel zo ongeveer gehad. De koffietafelboeken over wandtapijten en begijnhoven die het Davidsfonds door Leuvense hoogleraren laat schrijven tellen niet mee: dat zijn vaak eerstejaarscursussen, opgefleurd met een karrenvracht vierkleurenplaatjes. Vanwaar die schaarste? Vanwaar dat lege middenveld tussen fictie en non-fictie, tussen wetenschap en letterkunde, tussen kennis en leesplezier? Hoe komt dat?

 

(…)

 

Uit

 

deus ex machina

 

Feit en f(r)ictie
Literaire Non-fictie in de Lage Landen

David van Reybrouck


 
 
http://www.deusexmachina.be/

16:30 | Commentaren (0) | Tags: land