31.07.2008

"Hoe dit land naar de kloten gaat"

Als ze zo verder doen zullen nooit gekwalificeerd raken

 

(...)

 "Het probleem met Dedecker, Leterme en Philip L'hiver is dat het allemaal West-Vlamingen zijn. Die hebben allemaal problemen met hun pietje. Ze hebben geen kleintje, ze hebben geen grote. Maar ze kunnen alleen nog een erectie krijgen als ze een verkeizing winnen. De Wever: zelfde verhaal"

Arno Hintjens

 

In
De morgen
19 juli 2008

21:45 | Commentaren (0) | Tags: kritiek

30.07.2008

Bezeten van bitter verlangen.

Alles zegt weinig, maar niets niet genoeg...

 

























Alle menslike wesens word vry, met gelyke waardigheid en regte, gebore. Hulle het rede en gewete en behoort in die gees van broederskap teenoor mekaar op te tree.

 

 

21:45 | Commentaren (0) | Tags: bidt niet

29.07.2008

Wanneer mijn teloorgang het blootst is.

zo gul van slok en in haar schenken onbedaarlijk

ik was de linde toegedaan

 
ik was de linde toegedaan maar eerde ook de beuk
 
en in min was ik met de eiken en 't overspel
 
bracht mij naar de wilgen waar ik mij beknotte
 
toen zij hun kronen streken.
 
maar in nam mij
 
de waardin
 
die achter 't knotveer dranken dreef.
  
klonk zij als golfslag van een kribbende rivier
 
en 't sloeg het bijlen van de bomen

 
 
b. zwaal

Uit
Een drifter
Querido
Amsterdam, 2004

21:45 | Commentaren (0) | Tags: dakraam

28.07.2008

Eigenhandig.

Ignorantia facti

 










Kap

Ze braken het bos
af: boom voor boom
gingen ze tegen de grond,
de dennen.

Zo klein als ik was
keek ik plotseling
doodgewoon over hen heen.

In het nieuwe licht rezen
wijken op, wegen kwamen
en gingen overal naar toe.

Die sloeg ik dan ook in.
De bomen achterna.

Maarten Doorman

Uit
Weg, wegen
Bert Bakker
Amsterdam, 1985

 

21:45 | Commentaren (0) | Tags: land

27.07.2008

Vrijlustig.

Illustrandi causa














's Zomers

'moet je voelen
hoe koel die bloemen zijn'
zei ik
en ik legde je hand
op al dat kroelende roze

'terwijl pioen zo'n gloeiend woord is'
zei jij

ik bloosde

Mischa de Vreede

Uit
Zeestenen
De Prom
Baarn, 2001

 

21:45 | Commentaren (0) | Tags: hartendief

26.07.2008

Je zag dat zo graag.

je zag dat zo graag

















vandaag bij je graf, lieve paps

vandaag bij je graf lieve paps
wou ik je zeggen hoe mooi
de meisjes worden en hoe kort
hun rokjes zijn en hoe dik
hun tieten worden

je zag dat zo graag lieve paps
je keek het aan met je goedige ogen
de rustige glimlach van de oude man

je sprak zo graag lieve paps
over een koppel ferme tieten en toeten
en je had ze ook graag nog eens
beetgenomen ouwe sloeber lieve paps

dat wou ik je zeggen bij je graf
hoe mooi ze deze zomer waren
hoe liefdevol ik keek met jouw ogen
naar hun rokjes zo kort
naar hun spannende spijkerbroeken

je mocht het niet aankijken
van mams ik weet het
je wendde de goedige blik af
je bruine zachte ogen
van een te brave hond

vandaag vertel ik het dan
met wat weemoedige glimlach
aan je graf

Louis Paul Boon

Uit
Verzamelde gedichten.
De Arbeiderspers/Querido
Amsterdam, 1979

25.07.2008

Op de gewone tijd en plaats.

De gustibus non est disputandum













Je bent niet hier

Je bent niet hier
maar ergens.
Ik ben daar niet.

Al is het er,
dat ergens,
ik vind het niet.

Ik vind het niet
dan ergens,
waar jij nu bent.

Waar ik niet ben,
ik die alleen maar
ergens voor jou ben.

Mark Insingel

Uit
Niets
PoëzieCentrum
Gent, 2005

21:45 | Commentaren (0) | Tags: meisje

24.07.2008

Voor nu, voor eens en voor altijd.

Voor nu
 
















De hele dag bleef het bij me

De hele dag bleef het bij me,
de geur van naderend gevaar,
om wat ik droomde dat ik je zei.

Kwam dreigend onheil dichtertbij
[van welke omvang en van waar?]
door wat ik droomde dat je zei?

Achter elke meubel dacht ik dat
mijn duistere belager zat.

En opgezwiept tot razernij
verliet tenslotte doodsangst mij:
ik sloeg de kamer kort en klein.

Op wat ik droomde dat je zei
kwam een verrassend antwoord vrij.

Ik mat de schade en ik zag
in het gebroken spiegelglas
wie al die tijd de vijand was
voor wie je me gewaarschuwd had.

Neeltje Maria Min

Uit
Een vrouw bezoeken
Bert Bakker
Amsterdam, 1985

21:45 | Commentaren (0) | Tags: bidt niet

23.07.2008

Is het heden geweest.

Zomert 't op 9 augustus 1966 in Oslo












Zomergedicht

Van minder een stoel getimmerd, men gaat zitten
onder een verbazingwekkend roerloze zon

terwijl de dorpskinderen de vrede bezingen
op hun blinkende brommers, terwijl de hemel

ondiep is als water onder een roeiboot, terwijl
men woorden laat drijven en zinken

hoort men zich roepen, bloed valt uit de bomen
men herkent zich, staat op om te stelpen

hoe hol de taal nu zijn leegte bevredigt, als os
zich laat slachten, als vlees zich laat strelen

hoe de vogel ontvleugelt, het huis niet meer woont
het brood niet meer eet, de stoel niet meer zetelt

later in donker als men dit uitleest is het heden
geweest, zelfs de verte beweegt niet, alleen

op de bodem martelt nog eten, de maan
als vanouds maak minder bitter en witter –

Gerrit Kouwenaar


Uit
Helder maar grijzer. Gedichten 1978-1996
Querido
Amsterdam, 1998

 

21:45 | Commentaren (0) | Tags: en nu

22.07.2008

In acht nemen.

In 8 nemen
 















Goed beginnen

Neem hoe haar woorden glanzen
neem hoe haar mondhoeken
krullen, hoe zacht het achter
haar tanden moet zijn, neem

elke lieve lach in acht
sla geen oogopslag over
en vergeet geen moment
waarop ze spreekt of zwijgt

neem de tijd die nodig is
haar te bekijken, te buigen
in alle rust, neem ook die

in een zak, één beweging
en wat stenen nog om boven-
drijven te voorkomen.

Thomas Möhlmann


Uit
De vloeibare jongen
Prometheus
Amsterdam, 2005

 

21:45 | Commentaren (0) | Tags: leven

21.07.2008

The ability to talk and to be understood.

Te judice













Waar ik naar verlang vandaag

Waar ik naar verlang vandaag
een frisse zomerjurk te dragen
met blote schouders, een uitgesneden
hals en rug en vooral goed
los om de heupen

waarmee ik dan de tuin in loop
de zon schijnt warm, maar de wind
houdt het draaglijk en brengt
de jurk in beweging en dan

ben jij er natuurlijk ook die
de jurk al even mooi vindt en samen
trekken we hem uit en hangen hem
aan een tak

en liggen te kijken in het gras naar
zo'n frisse zomerjurk in een boom, daar
verlang ik het meest naar vandaag.

Jo Govaerts


Uit
Waar je naar zit te kijken
Kritak
Leuven, 1994

21:45 | Commentaren (0) | Tags: meisje

20.07.2008

Madeliefje.

Straatmadeliefje

Venus

In d'ijskoude vroege morgen
stapt een venus op 't trottoir;
't blonde kopje zonder zorgen
als een ordeloos boudoir.

Vroege werklui stappen dreunend
op het grauwe makadam;
hevig rinkelend rijdt, en kreunend
op de rails, een vroege tram.

Verder glijdt met korte stapjes
't blondje met wat moe gelaat,
en ze hoort de vuile grapjes
van de werklui in de straat.

't Venusdiertje trad voorzichtig
uit het zalig zondenest;
't wipt de tram in en doorzichtig
nu naar huis de dorst gelest.

Gaston Burssens


Uit
Verzen
Bulens
Mechelen, 1918

21:45 | Commentaren (0) | Tags: suf gejongd

19.07.2008

A word is enough to the wise.

Sapienti sat
















Meisje

Keert zich een paar keer voor de spiegel
heen en weer
zoals een vogel voor een andere vogel doet
bekijkt zichzelf als voor het eerst
schikt en herschikt aan schouder, kraag,
likt aan haar lipstick, tuit,
fluit als een vogel, rekt zich van graagte
strekt haar nek,
lokroept in zich, giechelt, vliegt.


Judith Herzberg

Uit
Zoals
De Harmonie
Amsterdam, 1992

21:45 | Commentaren (0) | Tags: meisje

18.07.2008

Steengerust

Till death us do part

















Till death us do part

[Tot de dood ons scheidt]

Zolang gij er zijt,
het brood voor mij snijdt,
de legerstee spreidt,
mag God het mij geven,
het lichaam, het leven.
Hier ben ik. Altijd.

Ida Gerhardt


Uit
Verzamelde Gedichten
Athenaeum - Polak & Van Gennep
Amsterdam, 2005

21:45 | Commentaren (0) | Tags: sterven

17.07.2008

Geen blijf weten.

Sommigen houden van poëzie

Sommigen houden van poëzie

Sommigen –
ofwel niet allen.
Zelfs niet de meerderheid van allen, maar de minderheid.
De school waar het moet en de dichters zelf
niet meegerekend,
zullen dit er ongeveer twee op de duizend zijn.

Houden van –
maar van kippensoep met vermicelli kun je ook houden,
en van complimenten en de kleur blauw,
van een oud sjaaltje,
van je verzetten,
van de hond aaien.

Poëzie –
alleen, wat is poëzie eigenlijk.
Op deze vraag is al
menig weifelend antwoord gegeven.
Maar ik weet het niet en daaraan houd ik me vast
als aan een reddende leuning.


Wislawa Szymborska

vertaling: Gerard Rasch


Uit
Einde en begin. Gedichten 1957-1997
Meulenhoff
Amsterdam, 1999

21:45 | Commentaren (0) | Tags: poolse poezie

16.07.2008

Leven van de hemelse dauw.

Om het even











Sjonnieboy

hij hiphopt als een keetreet door het leven
lokale jodelheid en bierlokalenschuimer
hij vreet wijvenreten om het even
ons linkeballend haantje ja toch niet dan
en daar gaat sjonnie weer kanusje raggen
en voor de keet een tyfusturk steken
want sjon heeft vanavond zijn lolbroek aan
en sjonneman leg weer mutsje te krikken
want hij is godver niet vies van een piklik
onze breedgeluimde schuimspuiter
kan wel veertien keer

Ilja Leonard Pfeijffer


Uit
Van de vierkante man
De Arbeiderspers
Amsterdam, 1998

 

15.07.2008

Het innerlijk voorbehoud.

Het meisje spreekt

Het meisje spreekt:

 

Toen ik voor het eerst die dingen hoorde

was ik dertien of veertien jaar,

zag op weg naar school de mensen op straat

en dacht:die zijn naar bed geweest

met elkaar.

 

Maar geen spoor van avontuur

en geen spoor van licht

in hun hele postuur,

in hun hele gezicht.

 

De eerste keer van mezelf

ben ik bij dageraad voor het raam gaan staan,

en het licht van de zon bescheen

een schoorsteen, een plat met kiezelsteen,

en ik zag daar mijn leven van jongs af aan.

 

Ik heb het ook wel eens gedaan

alleen maar voor de gezelligheid,

dat heette dan dat je werd verleid.

En als je dan ’s morgens koffie maakt

kan geen van de twee het zwijgen verbreken,

en je voelt je op straat nog naakt.

 

Laatst heb ik een muur aangeraakt

op een zomerse avond. Hij was warm.

Toen legde ik mijn hoofd op mijn arm,

en het was of ik weer dat kind zijn zou,

als ik maar aftelde: zes, negen, tien,

als ik maar riep: wie niet weg is is gezien.

 

Misschien was dat het,waar ik om griende,

vroeg in de morgen, bij jou.

 

Willem Wilmink

 

Uit

Ik had als kind een huis en haard

Bert Bakker

Amsterdam, 1996.

 

21:45 | Commentaren (1) | Tags: meisje

14.07.2008

Nu nog het recht van naweide of van polyandrie.

Nec clam nec vi













.

Er slaapt een man in huis. Soms noem ik hem de mijne.
Hij neemt fauteuil en ether in, hij snijdt mijn adem af.
Dan sluip ik nors de kamer uit, ze werd te veel de zijne.
Te veel zijn lucht, zijn bloed, zijn brood dat ik wel eten moet.
De hand die ik dan buit en die me steeds weer voedt.

En dat ik zwaarder werd van heupen met de jaren.
Dat is het kind van hem waarop ik eeuwen broed
en wellicht nooit zal baren. Alleen de man zuigt zog,
hij sloeg de diepte wond. Hij scherpt mijn bloedbaan aan
en zet mijn angels klem. Van alle huizen woon ik liefst in hem.

 

Lut de Block


Uit
Entre deux mers
De Arbeiderspers
Amsterdam, 1997

 

21:45 | Commentaren (0) | Tags: en nu

13.07.2008

Ik vind het goed, wat ben ik er voor eentje?

Emptio ad gustum
















All inclusive

Wat wil je geven? Of beter vragen wat het laatste is wat je onthield,
het kon wel eens de moeite waard zijn. Hecht je aan boodschappen?

Vandaag kocht ik doodgewone groene rijst. Ik trof een wethouder
in de supermarkt die tegen me zei: hoe snel het organisme zich herstelt!

Ook slechte mensen overleven gemakkelijk. Ons gesprek was van christelijke aard,
want overigens zijn we het oneens. Hij eet met kerst bij voorkeur in zijn hoekhuis.

Ik heb je liefde genoemd als woord en daad en jij valt van de trap en je hoofd knapt
en het geheugen stroomt uit je oren. Liefste, zwijgen verheft niet steeds.

We zullen middelen moeten vinden om onze eindigheid te vervullen.
Keer de attracties niet de rug toe. Botsen, zweven, duiken, rollen, hangen

en trilling lengt tijd.

Anne Vegter

Uit:
Spamfighter
Querido
Amsterdam, 2007

21:45 | Commentaren (0)

12.07.2008

Klaagzang van het graag zien.

Lamento

Lamento van hen die luisteren naar oorlogsberichten

Stof staafde de dagen van het vlees,
het vlees verging to stof.
Daartussen bleven kamers leeg,
werd het lente, vlogen vogels,
werden bommen uitgebroed.

Wij morsten een zomerlang cola op kranten,
lieten de radiostem voortsuizen.
Muziek wiste bijtijds elk bericht
en op mijn gezicht lag je hand.
Bommen vielen niet hier
viel weer eens een colafles om.

Op zoek naar het glas ging je mond.
De schakelaar dempte de radiostem.
De doden dreven weg in de cola en
er werd verkracht. Wij hadden lief.
Alsof dat kon.

Hagar Peeters


Uit
Koffers zeelucht
De Bezige Bij
Amsterdam, 2003

 

21:45 | Commentaren (0) | Tags: meisje

11.07.2008

Doof de helle zon.

Achtervolgde minnaars

Zonder nadenken

Achtervolgde minnaars, die menen de kleuren van hun vroegste landschap opnieuw te beleven, en die daarna de druk van de tijd buiten spel zetten door zich valselijk als onsterfelijk voor te doen, wij hebben ons van haastige adem vervuld tot aan het doven van de laatste kleur. Die bleef nog weerstand bieden tegen de hooischelven die niet hadden afgelaten ons met hun veelbelovende torens te vergezellen. De loods die ons tot buiten de vaargeulen zou hebben gevoerd haatte de gretigheid van onze regenboog. Maar voor wie stond die te blinken? Voor minder zwijgzame wolken? Aanvang van welbehagen in de voor immer opgesloten regen?

René Char


vertaling: Clasine Heering

Uit
Grenzend aan Van Gogh
Meulenhoff
Amsterdam, 1997.

 

21:45 | Commentaren (0) | Tags: lauwe thee

10.07.2008

Ze heeft het al zolang niet meer gedaan.

Ik ken je alleen

















Dat was dat

Ik lig in bed
jij zit
aan het voeteneind
ik kijk hoe je
na het sluiten
de beha over
je borsten schuift
en duw me overeind

Ik ken je alleen van achter
de split in je geruite rok
de naden van je kousen
je bruine jas permanent
schoenen met een hakje

Trap de dekens
van me af
hang mijn kloten
in de wasbak
pis de ochtend
fluitend tegemoet.

Tjitse Hofman


Uit
TV 2000
Passage
Groningen, 1999

21:45 | Commentaren (0) | Tags: dijen

09.07.2008

It's my way of being alone. (É apenas a minha maneira de estar só.)

fernando antnio nogueira pessoa










 

 

 







.

Ik geef niet om rijm. Zelden
Ziet men twee gelijke bomen naast elkaar.
Ik denk en schrijf zoals de bloemen kleur hebben
Maar minder volmaakt in mijn uitdrukkingswijze
Want mij ontbreekt de goddelijke eenvoud
Van allen mijn buitenkant te zijn.

ik kijk en ben bewogen,
bewogen zoals water stroomt wanneer de bodem helt
En mijn poëzie is zo natuurlijk als wanneer een wind gaat waaien…

Alberto Caeiro

vertaling: August Willemsen

Uit
De hoeder van de kudde
De Arbeiderspers
Amsterdam, 2003

21:45 | Commentaren (0) | Tags: dakraam

08.07.2008

Soms kan dit antwoord volstaan.

Besef

De historische werkelijkheid

Is dit nu de werkelijkheid, deze stilte
van uitgewerkt hout in een uitgewoond huis
dat zoals geblakerd vaatwerk in vitrines
een zaak van gewicht is, door onze voorouders gemaakt?
Of dit: men leefde gebogen over akkers en houtvuren,
verloor de kiezen jong, de kinderen jong,
geleund op gereedschap met stelen loerde men
met van tandpijn scheefgetrokken smoelen
naar alles wat anders was (reizigers, mooie vrouwen).
Soms werd een hooivork in het onrustbarende gestoken.
Men rook niet lekker, men was in het algemeen
in geen enkel opzicht leeker, men sloofde wat af,
er werd in god en honderdduizend gedetailleerde zonden geloofd,
men slachtte varkens om te eten en vreemden
omwille van de rust in het hoofd?

Esther Jansma


Uit
Dakruiters
De Arbeiderspers
Amsterdam, 2000

21:45 | Commentaren (0) | Tags: stormwind

07.07.2008

Ça va déménager.

En ook daar voor niemand besta












.

Minnaars van dezen nacht, gedenk in dezen nacht
wie slaaploos ligt alleen en ziet de sterren dooven,
waarmee de winterhemel sneeuwwit lag bestoven-
gedenk wie uur na uur de liefste heeft verwacht.

Een late sluimer heeft de droom teruggebracht
van een seizoen met haar, de bloesemende hoven,
zon, wind en plassen, de helle lucht daarboven
en haar aanwezigheid des daags en iedren nacht.

Minnaars van dezen nacht, neemt dit aan van een man,
die als geen sterveling verdient te zijn verlaten,
weest voor de liefste lief, want zij die haar vergaten
boeten in eenzaamheid hun schuld- en dan? en dan?
Geloof het woord, hier niet gezegd ten eigen bate,
van een die het tot scha en schande weten kan.


Jan Campert

Uit
Verzamelde gedichten 1922 - 1943
A. A. M. Stols
’-Gravenhage, 1947.

21:45 | Commentaren (0) | Tags: liefde

06.07.2008

Haal me te voorschijn.

Zou mooi vinden voldoende zijn

Ik mag ook eens wat

Een nieuwe, oude tafel heeft ze
zegt ze. Wil je niet komen kijken?
Vanwaar en sinds wanneer dat idee
dat ik me zozeer voor tafels interesseer?
                Sinds ze het vroeg gaan mijn gedachten
er wel vaker naar uit. Is de hare rond
of juist vierkant, ovaal, ingelegd,
gepolitoerd? Met vier of zespoten,
lange elegante, met een knikje halfweg?
Met ballen? Eén heel dikke poot?
                En: wat wil ze van dergelijke poten,
zo’n tafel van mij? Zou mooi vinden
voldoende zijn? Zou de tafel het houden?

Hanz Mirck


Uit
Het geluk weet niets van mij
Vassallucci
Amsterdam, 2002

 

21:45 | Commentaren (0) | Tags: geil

05.07.2008

Who you are?

Fles van gisterennacht

















Remco groet ’s morgens de dingen

Dag glas, dag fles van gisterennacht,
hoest hoest, dag jam,
dag jammerkejam naast de boterham,
dag eitje, dag uitje,
hoest hoest,
dag sokken, dag Formentera,
o jezus wat voel ik me
voel ik me eigenlijk wel?

Alain Teister


Uit
Verzamelde gedichten
Bert Bakker
Amsterdam, 1988

21:45 | Commentaren (0)

04.07.2008

Met mate in een vochtige meisjesmond verdwijnen

't lichtvoetige meisje voerde je weer henen

Vermoeidheid

Als wij, de grote mensen, moe zijn
Van het praten met elkaar,
Als wij moe zijn van het slapen
Met elkaar, het wandelen
En handeldrijven met elkaar,
Het tafelen en oorlog voeren

Met elkaar, als wij zo moe zijn
Van elkaar, van het elkaren
Van elkaar, dan zetten we de kat
Op onze schouder, gaan de tuin in
En zoeken de kinderstemmen achter
De hoge hagen en in de boomhut.

En zwijgend leggen wij onze vermoeidheid
In het gras, en de jaren die zwaar
En donker sliepen in de zoom
Van onze jas ontbloten zich daar boven
In een jongenskeel en dansen op
en neer in een vochtige meisjesmond.

Als wij, de grote mensen, moe zijn
Van het praten,
Van het praten,
Van het praten met elkaar,
Gaan wij de tuin in en verzwijgen ons
In de kat, in het gras, in het kind.

Leonard Nolens


Uit
En verdwijn met mate.
Querido
Amsterdam, 1996

 

21:45 | Commentaren (1) | Tags: meisje

03.07.2008

Biennale de la jeunesse

Alles van waarde is weerloos

Zielsverhuizing

stram strompelt hij van knooppunt naar knooppunt
de eens zo bekoorlijke zondebok
je mag hem aanlachen als je kunt
hij grijnst maar trekt het zich niet aan
aangebrand niet maar afgebrand een flauwte
dat gaat weer over hij zal wel weer opstaan
plooiend zijn broek zijn rok het ouwe rund

dra staat hij lang en breed tussen de pilaren
door de schaduwen bestormd het marmer van zijn kaken
de zweep spelemeiend met de laars
aldoordringend de blik gericht op de dreigende maan

langzaam daalt hij af men juicht
pondereus buiten alle proportie daalt hij af
en plaatst zich naast de labbekak de losplaats
onveranderd niet met verlossing als poetslap

Lucebert


Uit
Verzamelde gedichten
De Bezige Bij
Amsterdam, 2002

 

21:45 | Commentaren (0) | Tags: wat jij wilt

02.07.2008

Ik kom om van verlangen

Mannen gaan altijd weg

Nooit wacht er een man op een vrouw

Nooit wacht er een man op een vrouw.
Een man gaat naar zee of hij vecht
of hij komt in een afgrond terecht.
Mannen gaan altijd weg.

Op een balkon speurt een vrouw,
de hand aan haar slaap,
de horizon af: Komt hij gauw?

De wacht zet zich voort
op luchthaven, kade, perron
en bij de gevangenispoort.

Eerlijk, het wachten viel licht
als hij terug is waar het begon.
Ze vertrouwt het vertrouwde gezicht.
Haar zeeman, haar dief, haar soldaat,
haar dappere ontrouwe lief
die het niet helpen kon.

Neeltje Maria Min


Uit
Kindsbeen
De Bezige Bij
Amsterdam, 1995

 

21:45 | Commentaren (0) | Tags: lauwe thee