31.10.2006

Allerzielen heiligen

carice 50

Hun naaktheid

 

Aan de voet van de berg

krijgen de zielen

een ivoren kistje

dat zij op hun rug moeten binden,

 

waarin vlieginstructies

en zonnebrandolie.

 

Ook wordt hen bij de ingang

van de eeuwigheid altijd

schielijk een ochtendjas aangereikt:

 

hun naaktheid zou de engelen

maar van het werk houden,

de rechterlijke macht beïnvloeden

 

 

L. F. Rosen

 

 

Uit

Doorwaadbare plaatsen.

Van Oorschot.

Amsterdam, 2004.

 

 

Geen gedachtenstreepjes

sourbrodt1

Droomfuga

 

Het is een binnenplaats met gras.

daar heb in de kou staan lezen,

jaren dat mijn boek niet uitgelezen was.

 

Ik heb zoveel gezwegen.

Ik ben een kind gebleven,

weerspiegeld in een waterglas

 

 

Maurice Gilliams

 

 

Uit

Verzamelde gedichten.

Meulenhoff.

Amsterdam, 2000.

 

21.10.2006

Geen rokje

rugzijde

.

 

Toen ik de deur had dichtgedaan,

de ochtendmist was opgetrokken,

hield ik mij aan de herfst vast

zoals een kind aan moeders rokken.

 

 

Hugo Pos

 

 

uit

Voordat ik afreis. Nestoriaanse kwatrijnen

In de Knipscheer.

Haarlem, 1993

18.10.2006

Vlammend als brandnetel

dontiki

*

 

Hij was schaapherder in de Negevwoestijn.

Hij hoedde zijn dieren voor het mes van de slachter. Dat wist men

in onze kibboetsen. Waar rondo’s werden gedanst

en paeans gezongen. Waar veel werd gelachen en gepraat.

Onze meisjes, gewapend, joegen op hem met hun lach

vlammend als brandnetel. Ten slotte ging hij naar de stad

en daar beraamt hij zijn dood, na het verraad aan de schapen.

 

 Aleksander Wat

 

Uit:

Heb medelijden tijd. Poolse poëzie van de twintigste eeuw.

Vertaling Karol Lesman.

Uitgeverij Plantage, Leiden, 2003.

 

15.10.2006

De nacht alleen

d04k

Westdongeradeel

 

wij waren onhandige mensen
zo stil en omzeilend
en afgesneden van wat
wij hadden moeten weten

over eb en vloed
en over de lucht
die aan ons trekt
zodat wij rechtop

blijven staan tot de nacht
want pas dan mogen
onze gedachten even
plat zijn als ons land

maar wat wij denken
is al eerder bedacht
door de mensen uit de bergen
en daar komt ook het water
het eerst.

 

Ilse Starkenburg

 

Uit

In plaats van alleen

de Arbeiderspers, mei 2003

 

inplaatsvanalleenilsestarkenburg

 

 

12.10.2006

Carmen LXXXV [Odi et amo]

Colassitude

Carmen LXXXV [Odi et amo]

 

Ik haat en ik heb lief.

 

Waarom ik dat doe, vraag jij misschien?

 

Ik weet het niet, maar ik voel dat het gebeurt en ik word gekweld.

 

 

Sappho-drawing

Odi et amo.

 

Quare id faciam, fortasse requiris?

 

Nescio, sed fieri sentio et excrucior.

 

 

Gaius Valerius Catullus

 

(±84-54 v.C.)

De lustgouverneur in Limburg

kneepkens_2

Limbabwe

 

Heimwee naar Limbabwe is als in bad gaan

met Batsheba, de vrouw van Uriah

de Marilyn Monroe van haar tijd

 

De Maas

draait er een mooie revolutie af, een hele mooie

ritselende

revolutie, dag & nacht

de Maas in Limbabwe!

 

En daarom... daarom...

 

hebben alle nijlpaarden, antilopen & giraffen

& vooral de Vogel Struys

 

altijd heimwee naar Limbabwe!

 

Altijd!

 

Manuel Kneepkens

 

 

op zaterdag 28 oktober 2006

om 17.00 uur in

Boekhandel De Tribune, Kapoenstraat 8-10 te

Maastricht

 

 Een zucht van mijn huid

triumfera

Zomer met John

 

Soms komt hij als lief-heersbeest

soms als een blauwe strontvlieg

en dan weer als vlinder

 

’t is zaak om hem met minder

dan een zucht

van mijn huid

te houden.

 

Mieke Kirkels

 

Zomer met John

Inzending poëzie wedstrijd 2001

J. M. Meulenhoff, Amsterdam

Google koopt Racheal Michelle

google med_rachael-leigh-cook-may19-5

 

klik

Google koopt Lovely model Racheal Michelle

17:46 | Commentaren (0) | Tags: geil, kritiek

11.10.2006

Beter een borst in de hand.

overal borsten 2005-10-03_184922_ddf_rr12

Overal borsten

 

Mus – meubelbruin

gefineerd vogeltje

en nog dezelfde die

 

tot groot verdriet

van Catullus tussen

Lesbia’s borsten huisde.

 

Zijn gedichten

deze mus – ze zijn

nog net als toen

 

hun gegeven zo

genesteld

in de genen

 

dat iedereen

meteen herkent:

Catullus en zijn mus.

 

Alleen Lesbia

zij is er niet en

overal borsten!

 

J. Bernlef

 

Uit

Achter de rug

Querido

Amsterdam, 1997

10.10.2006

Zelfs een poes

blootsvoets maar waar

Buurvrouw

 

Van elkaar eten,

waarmee zijn we bezig.

Een geur voert het aan;

wasgoed, warm eten,

gras vers gemaaid.

Geluid; haast vergeten

gekakel geblaat,

geschuur van de bezem.

Haar fiets, die even

aan het hek blijft staan.

Onweerswolk. Regen.

Haastig gehaald:

tuinstoelen, speelgoed.

Maan. Open ramen,

hoor maar, de piano,

Mozart, een kleine sonate.

En later, de lokroep:

Kom, poes! Kom, poes!

melkwit, blootsvoets,

een schim in de boomgaard

 

Aleidis Dierick

 

Buurvrouw

Inzending poëzie wedstrijd 2001

J.M. Meulenhoff, Amsterdam

09.10.2006

Kies maar uit.

Delicia Sampero partieel

Oedipus

 

in de behandelkamer is hij onze gids.

Op zijn geleide wordt wie is versteend

verstikt van woede. Vuur van haat

komt vrij. De loden schuld. De ogen

gaan kapot van afgunst. Razernij.

 

Dat hij zijn moeders blauwe schaduw

kent in elke vrouw wordt waar.

Het bitter huilen, knieën opgetrokken

van verdriet. dat men zo hevig kan

verlangen, en dat niet, dat niet.

 

En wij, aan wie die op de bank ligt

traag geneest, zijn blind voor het begin

van het verhaal. Geen handboek dat vertelt

hoe iemand het zojuist geboren kind

heeft opgetild, op tafel heeft gelegd

en met een hand de voetjes vasthield.

Iemand heeft nagedacht, een priem

gepakt, heeft kracht gezet.

 

Anna Enquist

 

Uit

De gedichten 1991 - 2000

De Arbeiderspers

Amsterdam - Antwerpen, 2000

04.10.2006

Overspelig of huwelijk

steen-huwelijk

Het huwelijk

 

In deze kamer zonder ramen

waar zij zich met een blind gebaar

in de gespreide armen namen

raadden de spiegels slechts elkaar

 

tot wij hun onder ogen kwamen

en in het overspelig paar

veranderden dat wij te zamen

ontmaskerden voor hem en haar

 

die als hun beider evenbeelden

zich in ons dubbele duel

vermenigvuldigden en deelden

 

en spiegels werden van het spel

dat zij met zoveel slapers speelden

in dit versplinterend Hotel.

 

Paul Claes

 

Uit

De waaier van het hart

De Bezige Bij

Amsterdam, 2004

02.10.2006

Meer dan muziek.

roos

Muziek in de auto

 

De muziek die ik hoorde met jou,

thuis of in de auto

of zelfs tijdens een wandeling

klonk niet altijd zo zuiver

als de pianostemmers het zouden willen –

soms mengden zich er stemmen in

vol afgrijzen, vol pijn,

en dan werd die muziek

meer dan muziek,

werd ze ons leven

en sterven.

 

Adam Zagajewski

 

Uit

Memento. Nagelaten vertalingen van Gerard Rasch

Pegasus

Amsterdam, 2005

01.10.2006

Reprise - Aantekeningen over erotiek

Agatha
 
Notes sur L’érotisme
 
II
L’œil, principal organe érogène. L’œil bande. L’œil bande avant la sexe. Il arrive meme que l’œil seul.
Paul Nougé 
Aantekeningen over erotiek
II

 
Het oog, belangrijkste erogene orgaan. Het oog krijgt een stijve. Het oog krijgt een stijve voor het lid. Het kan gebeuren dat alleen het oog een stijve krijgt
Paul Nougé
Vertaling Misha J. Knijn
Uit
Ceci n’est pas une poésie
[Uitgeverij Atlas – Amsterdam/Antwerpen 2005]

 Reprise - Tederheid

tederheid solitgr

Tederheid zal ik u noemen

 

Gij maakt mij wilder dan gras

en bloemen, ik die al wilder dan water ben

hoe zal ik u in mijn hartstocht noemen

u die ik nauwelijks ken.

 

Zal ik u lief en beminde noemen

in hoeveelheid namen vloeit gij mij uit

nooit stond een zomer zo te bloeien

in al zijn linden in al zijn kruid.

 

Hoe zal ik u in mijn kamer noemen

al gij schreiend uw mond drukt op mijn huid

als gij stamelend man wordt in al uw zoenen

tederheid zal ik u noemen.

 

Aleidis Dierick

 

Uit:

Gedichten voor een man

Orion, Bruggen 1978

Reprise - Het kindermeisje

kindermeisje

Het kindermeisje

 

Zij neemt mij tussen haar dijen,

schikt en verschuift mij, voegt mij

voorzichtig in het eigenste, warmste.

 

Straks zit ik bij haar op schoot

en kust zij mij arglistig.

Haar lippen dwingen met liefde

mijn lippen (‘je lipjes’, zegt zij) uiteen.

Haar tong glipt driftig naar binnen,

danst op de mijne, kwispelt en knettert.

Haar vingers kraken, haar glimlach

ontkleedt mij, zo teder.

 

Mijn moeder mag het niet weten:

zij kent mij niet zozeer als man

 

 

Adriaan Morriën

 

Uit

Verzamelde gedichten

[Uitgeverij G.A. van Oorschot – 2005]